Onderzoek

Onderzoek en literatuuroverzichten over therapie, samengesteld door Freudche.

27 mei 2026 · 6 min leestijd

Voor een expat is therapie vinden in Nederland een loterij, geen verwijzing

Voor een internationaal mobiele patiënt in Nederland lijkt therapie vinden minder op een verwijzing dan op een loterij. Er stapelen zich drie loten op voordat de zorg begint: bij welke huisarts je staat ingeschreven, want vergoede ggz vraagt een schriftelijke verwijzing (Rijksoverheid); of je taal ooit een matchingscriterium is, wat meestal niet zo is; en of je een titelsysteem kunt lezen waarin de algemene titel psycholoog sinds 1993 niet meer beschermd is, terwijl gezondheidszorgpsycholoog en psychotherapeut wél beschermd en geregistreerd zijn onder de Wet BIG (Psychologen Amsterdam; BIG-register, 350.000+ professionals). Op 1 januari 2025 was 16,8% van de bevolking, meer dan 3 miljoen mensen, in het buitenland geboren (CBS). De geleefde wachttijd van expats loopt van ongeveer zes weken tot ruim een jaar, zoals expats hem zelf melden, nooit een gemeten landelijk gemiddelde. En het bewijs dat de barrière vastlegt komt uit Engelstalige fora en expatpers, die hoger opgeleide expats oververtegenwoordigen, dus juist de mensen die het hardst worden geraakt zijn er het minst zichtbaar in. "Wij bieden Engels aan" is de meest misleidende belofte in het systeem, want Engels aanbieden bij de intake en doorlopende Engelstalige zorg leveren zijn twee verschillende dingen.

27 mei 2026 · 6 min leestijd

Een therapeut mag altijd luisteren. De muur die naasten raken is een gewoonte in een juridisch jasje

Een naaste belt over een dierbare in zorg en hoort "Ik mag u niets vertellen, het is vertrouwelijk." Het beroepsgeheim is echt, maar het werkt één kant op: het gaat over wat een behandelaar mag delen met een naaste, en zegt niets over wat een behandelaar van een naaste mag horen. De sector zegt dat zelf, klip en klaar. Ypsilon: er mag veel meer dan wat je vaak in de ggz hoort. De Akwa-kwaliteitsstandaard ziet het betrekken van naasten als de norm, niet als risico. Inmiddels zorgt ongeveer één op de zes Nederlandse mantelzorgers voor iemand met een psychisch probleem, vijf jaar eerder nog één op de acht (SCP, 2020), en naasten van mensen met psychische problemen voelen zich veel vaker zwaar belast: 34% tegen 19%. De enige wettelijke familievertrouwenspersoon bestaat alleen voor verplichte zorg. De naasten van de vrijwillige meerderheid hebben er geen.

27 mei 2026 · 5 min leestijd

Het eerste contact dat nooit plaatsvindt

De telefoon die overgaat, de mail die nergens heen gaat, van het kastje naar de muur. Die laag is echt, maar er bestaat geen Nederlands cijfer voor; hij leeft als getuigenis, niet als statistiek. Het harde getal zit een trede hoger, bij het eerste gesprek dat nooit wordt ingepland. De NZa laat zien dat 67% van de aanmeldwachttijden de norm van vier weken overschrijdt, en dat 72.443 van de 108.878 ggz-wachtplekken mensen zijn die nog wachten op een eerste gesprek (NZa, 2025). De inspectie zegt het zonder omhaal: tijdens dat wachten is niemand eigenaar van de patiënt (IGJ, 2023), en de huisarts wordt de wachtkamer, want 93% ziet weinig tot geen verwijsmogelijkheden (LHV, 2025). Voor iemand die wekenlang moed verzamelde om te vragen, is een onbeantwoord eerste contact geen vertraging. Het is de deur die dichtgaat op het moment van de grootste nood.

27 mei 2026 · 6 min leestijd

De pil klopte waarschijnlijk wel. Het gesprek ontbrak.

Een patiënt die zegt dat hij "platgedrogeerd" werd, klinkt alsof hij het medicijn aanklaagt. Het Nederlandse bewijs leest het anders. In de huisartsenzorg was 94,6% van het antidepressivagebruik in lijn met de NHG-richtlijn (Piek et al., 2011), wat het verhaal van overbehandeling al in de kiem smoort. Wat als probleem staat gedocumenteerd, zit om het recept heen, niet erin: in een cohort van 326.025 mensen kreeg van wie in het eerste jaar vier of meer recepten kreeg, 42% in elk van de vijf onderzochte jaren nog een antidepressivum voorgeschreven (Verhaak et al., 2019), waarbij de auteurs opmerken dat medicatiebeoordelingen schaarser worden naarmate het recept langer loopt; een instituut dat het voorschrijven volgt vond antidepressiva langer dan aanbevolen gebruikt bij 40 tot 50% van de gebruikers en riep voorschrijvers op de bedoelde gebruiksduur bij de start te bespreken (IVM); en een panel van meer dan 750 patiënten vond dat ruwweg twee op de drie niet meebeslist over de eigen diagnose en behandeling (MIND), tegen een zorgstandaard die de patiënt de deskundige over de eigen ervaring noemt. De klacht gaat zelden over de pil. Het gaat over voorgeschreven worden in plaats van gehoord.

We gebruiken privacyvriendelijke analytische cookies om te begrijpen hoe de site wordt gebruikt en om deze te verbeteren. Kies "Accepteren" om ze toe te staan, of houd alleen de cookies aan die nodig zijn om de site te laten werken. Privacyverklaring

Onderzoek — Freudche